Van onderbouw naar opbouw
De realisatie van De Geus startte met de sloop van de bestaande bebouwing en de aanleg van een nieuwe kelder. In een binnenstedelijke omgeving als deze vraagt dat om precisie en controle. Damwanden zijn zorgvuldig gepositioneerd en tijdens de uitvoering continu ingemeten om afwijkingen beheersbaar te houden.
Medio november 2025 is de begane grondvloer in een 24-uurs cyclus gestort, met een volume van circa 1200 m³ beton. Daarmee is een belangrijke stap gezet in de overgang van onderbouw naar opbouw. Aansluitend is gestart met de montage van prefab gevel- en wandelementen en bordessen, gecombineerd met in het werk gestorte wanden. Tegelijkertijd zijn de eerste schuine bioscoopvloeren gerealiseerd, een specifiek onderdeel binnen het programma dat vraagt om nauwkeurige uitvoering.
Na het storten van de eerste verdiepingsvloer zijn de damwandplanken langs de Stationsweg getrokken en wordt de contour van het gebouw steeds zichtbaarder in de stad.
Samen bouwen in techniek en uitvoering
Binnen De Geus lopen disciplines bewust gelijk op. De installateur werkt intensief samen met de betonbouwer en neemt instortvoorzieningen voor elektra en luchtkanalen direct mee in wanden en vloeren. Daarmee wordt voorkomen dat later in het proces aanpassingen nodig zijn en blijft de kwaliteit van het casco geborgd.
In de kelder is inmiddels gestart met de montage van kabelgoten, die later worden gebruikt voor de installaties van onder andere de fietsenstalling van ProRail. Dit soort onderdelen laat zien hoe techniek en gebruik al vroeg in het bouwproces samenkomen.
In realisatie
De Geus bevindt zich in de realisatiefase. Van sloop tot opbouw groeit het project stap voor stap uit tot een nieuw stuk stad. Een project waarin voorbereiding, samenwerking en uitvoering samenkomen in een strak georganiseerd bouwproces. Benieuwd naar de voortgang? Bekijk dan de live beelden van de timelapscamera.
Multifunctioneel bouwen met precisie
De Geus combineert verschillende functies in één gebouw. Van fietsenstalling en commerciële plint tot bioscoop en wonen. Deze stapeling stelt hoge eisen aan constructie, installaties en detaillering.
Het project is opgeknipt in drie delen: kelder, plint en toren. Per fase worden de disciplines constructie, installaties en bouwkunde integraal afgestemd binnen het AKOR coördinatiemodel. Door vooraf intensief te engineeren en te controleren, houden we grip op het proces en beperken we faalkosten.
Na de bouwvak wordt gestart met het casco van de toren. Tegelijkertijd krijgt de plint zijn definitieve uitstraling met een gevelbeeld van metselwerkpenanten in combinatie met een aluminium vliesgevel. Daarmee komt niet alleen de techniek, maar ook het karakter van het gebouw tot leven.